donderdag 7 mei 2009

Hoe veilig is de vluchtstrook?



Het regende op AD Autowereld.nl meningen over het tragische ongeval op een vluchtstrook in Luxemburg. De één vindt dat banden wisselen op een vluchtstrook moet kunnen, de ander vindt dit oliedom. De alcohol drinkende bestuurder moest het ontgelden. Terecht overigens. Andere keren is de jeugdige bestuurder aan de beurt en weer een andere keer de ouderen, slechtzienden, zondagsrijders, motorrijders of vrachtwagen-chauffeurs. Het verkeer is een samenspel waartoe de meesten van ons toegang hebben. Het maakt ons onafhankelijk. In Nederland hebben wij op alle autowegen en autosnelwegen een vluchtstrook. Deze strook is in principe verboden terrein. Uitsluitend in noodgevallen mogen wij hier zijn (telefoneren is overigens nog steeds geen noodgeval). Nederland zou Nederland niet zijn wanneer wij hierop geen uitzonderingen zouden hebben zoals het bus- en spitsverkeer. Buschauffeurs die over de vluchtstrook mogen rijden zijn zich terdege bewust van de risico's. Het zijn niet alleen lekke banden die je naar de strook doen vluchten. Een uitlaat kan losgeraakt zijn, je verlichting of ruitenwissers kunnen uitgevallen zijn of er komt rook onder je motorkap vandaan. Wat doe je dan? Doorrijden als het kan, geen twijfel over mogelijk. Stapvoets doorrijden naar een afrit of benzinestation, omwille van de veiligheid, is uiteraard toegestaan. Zelfs met een lekke band. Het zou fantastisch zijn wanneer iedereen zich bij pech zou realiseren dat het altijd verstandig is om direct de professionele hulpdiensten in te schakelen. Politie, ANWB of Route Mobiel zullen de eersten zijn die de melding krijgen. Sleepbedrijven, kantonniers en brandweer kunnen door hen ingeschakeld worden. Deze profs zijn opgeleid en hebben de middelen om de pechvogels veilig verder te helpen. Indien deze diensten het zelf onveilig vinden halen ze er desnoods een tweede dienst bij. Eventueel alle beschikbare diensten totdat de meest veilige situatie is bereikt. Wanneer u 112 belt bestaat er op de meeste auto(snel)wegen zelfs de mogelijkheid om een rood kruis te geven boven de rijstrook naast de vluchtstrook. Is het 100% veilig wanneer alle hulpdiensten aanwezig zijn, de rechterrijstrook is afgesloten en u achter de vangrail staat met een oranje hesje aan. Nee, natuurlijk niet. Er zijn altijd vermoeide, zoekende, nieuwsgierige, lezende, telefonerende, drinkende of radiozenderzoekende bestuurders onderweg. Maar ook auto's die technisch niet helemaal in orde zijn, vrachtauto's met vlaggetjes achter de voorruit die het zicht van de chauffeur belemmeren of vrachtauto's met losse lading. Noem maar op. Laten we proberen om het verkeer samen veiliger te maken en de schuldvraag niet alleen bij een ander neer te leggen.

Hoe veilig is een 30 km zone?


Het aantal dodelijke aanrijdingen in 30 km zones is in 5 jaar tijd bijna verdubbeld. Ik kijk daar niet echt vreemd van op. Volgens mij zijn er meerdere punten die daar debet aan zijn. Ten eerste worden er door gemeentes wegen aangewezen waar juist veel fietsverkeer voorkomt in combinatie met autoverkeer. Daar zie ik vooral kinderen, van en naar school, met een spelend fietsgedrag. Ten tweede wordt er van de wegbeheerders verwacht dat ze deze zones zodanig inrichten dat 30 km per uur een vanzelfsprekende snelheid is. Als derde punt noem ik het feit dat de politie ooit verzocht is op deze wegen zeer terughoudend te zijn met reguliere snelheidscontroles. En ten vierde vind ik de inrichting vaak onduidelijk. De combinatie van deze punten baren mij zorgen. Meestal zijn er binnen deze 30 km/u zones wegversmallingen, drempels of bobbels aangebracht. De doorrijdbreedte bij deze punten is meestal net genoeg voor één auto. Spannend wanneer een fietser en automobilist er (praktisch) tegelijk door willen. Een bijna onmogelijke situatie. Jammer genoeg zit er achter het stuur van die auto's vaak ook een gestreste bestuurder. Eentje die altijd haast heeft en meent als eerste door de versmallingen te mogen. Nog net even voor die fietser langs. Desnoods door eerst nog snel wat extra gas te geven. En dan die hobbels! Inmiddels weet iedere autobestuurder dat je gewoon door kunt rijden zolang je de bobbel in het de midden van je auto kunt houden. En niet te vergeten de bestuurders van, meestal lease-auto's, die zonder problemen en met hoge snelheid een verkeersdrempel durven te nemen. Tot slot de zijwegen. Soms zie ik een echte in/uitrit situatie en soms lijken ze er op. En een andere keer is het weer een normale weg. Dus een antwoord op de vraag of verkeer van rechts voorrang heeft verschilt nogal eens. Onduidelijkheid alom. Alles bij elkaar opgeteld wordt het er niet veiliger op. Een duidelijke scheiding van auto's en fietsers blijft het mooist. De overheid geeft aan dat men zich in 30 km zones veiliger kan voelen. Dan zal diezelfde overheid dat ook waar moeten maken. Ja, het kost geld. En, hoe we het ook wenden of keren, wanneer iedereen zich aan de maximale snelheid van 30 km/u houdt en elkaar de ruimte gunt, blijven aanrijdingen vast vaker achterwege.

maandag 27 april 2009

Raampje open, peuk er uit

Wat vindt u als automobilist van motorrijders? De meningen hierover verschillen. Hoewel ik vooral als automobilist voor deze rubriek schrijf, wil ik het ook een keertje doen als enthousiast motorrijder. Motorrijden doe ik inmiddels een jaar of tien. En met veel plezier. Hoewel mijn vrouw jammer genoeg nooit meegaat steunt zij mij fantastisch in deze hobby. Vorige week ben ik, samen met enkele vrienden en vriendinnen, richting Cochem in Duitsland gereden. Een toeristische plaats aan de Moezel. Een route met mooie wegen en nog mooiere vergezichten. Onze topmomenten waren de haarspeldbochten in de Eifel en de kilometers waar wij ons gas vol konden opendraaien op de autobahn. Heerlijk. Nu ik uw aandacht als automobilist heb, wil ik van de gelegenheid gebruik maken om u iets duidelijk maken waarvan u zich waarschijnlijk niet bewust bent. Om mijn punt helder te maken neem ik u eerst mee naar een mooie zomerse dag. U kent ze wel, die dagen dat de motorbezitters hun 'geliefde' uit de garage halen. Niet om naar het werk te rijden, nee, puur voor het plezier. Vooral om het gevoel motorrijder te zijn. En juist op dit soort dagen rijden wij motorrijders nogal eens mopperend achter een auto. Niet omdat hij ons geen ruimte geeft om in te inhalen. Ook niet omdat hij geen richting aangeeft. Nee, het gaat om iets veel simpelers. Op mooie dagen rijden sommige motorrijders graag met open vizier. Uiteraard dan wel met een bril. Ik ben er ook zo een. Heerlijk die wind in je gezicht. De geuren, zelfs die van dieselolie, geven een vrij en onafhankelijk gevoel. Kortom, de wind en zijn karakter maken ons duidelijk waarom wij motor rijden. Wat ons zo teleurstelt in de automobilist is het besproeien van de voorruit en het weggooien van brandende peuken, as en schillen. Een vriend van mij heeft tijdens een rit een brandende sigaret in zijn helm gekregen. Gelukkig heeft hij de glimmende kant van de motor nog boven kunnen houden. Een noodstop moest uitgevoerd worden. Afval en brandende peuken horen natuurlijk niet uit het raam van een rijdende auto gegooid te worden. Mijn verzoek aan autorijdend Nederland is dan ook om bij het weggooien van afval en het ruitensproeien eerst in de achteruitkijkspiegel te kijken. Ziet u een tweewieler, quad of trike achter u, wacht er dan even mee. Namens alle motorrijders, bedankt!

vrijdag 17 april 2009

Het lijkt wel kermis op de weg


Blauwe lampjes in de ruitensproeiers op de motorkap. Gekleurde lampjes op de ventielen. TL-verlichting onder de auto of scooter. Ze zijn bijna niet te missen. Er wordt vaak meer verlichting gevoerd dan voorgeschreven. Meestal in afwijkende kleuren. Verwacht dus niet alleen wit dimlicht bij het tegemoetkomend verkeer. Verlichting kan alle vormen en kleuren hebben. De politie heeft daar haar handen vol aan. Onze wetgever is hier toch heel duidelijk in. Aan de voorzijde wit licht en aan de achterzijde de kleur rood. Andere mogelijkheden zijn er niet en zijn dus verboden. Alhoewel. De omtrek van vrachtauto's mogen voorzien zijn van zogenaamde oranje contourverlichting. De lijnbus mag in het groen zijn bestemming aangeven omdat hij als type goedgekeurd is door de Rijksdienst voor het Wegverkeer. Ik verwacht ook niet dat de politie moeilijk doet over bijvoorbeeld de controlelampjes van een koelinstallatie onder in een vrachtwagen. Maar tegen al die andere kermisverlichting wordt gelukkig streng opgetreden. Naast de autoverlichting is onze wetgever ook duidelijk over reflectiematerialen en reflectoren. Veel uitvoeringen zijn verplicht. De meest bekende is de "afgestompte driehoek" achter op landbouwvoertuigen en andere 'niet kentekenplichtige" motorvoertuigen. Evenals de achtermarkeringen op vrachtauto's, trailers en aanhangwagens. Met of zonder diagonale streep. Ook hierover is de wetgever duidelijk. Reflectiematerialen mogen alleen gebruikt worden zoals ze zijn voorgeschreven of goedgekeurd. Hierbij bedoel ik de kleur, vorm en maat. Wanneer u denkt dat we nu alle soorten kermisversiering hebben besproken heeft u het mis.
Ik werd door een lezer getipt over een nieuw fenomeen 'glowing in the dark'-verf. Een goedje dat gemengd moet worden met de gewenste lak. Het effect is fantastisch. Een lichtgevende auto. Gelijk stelde ik mijzelf de vraag: Is dit toegestaan? Nergens in de wet heb ik kunnen vinden dat het verboden is deze laktoevoeging te gebruiken. Er staat ook nergens dat autoverlichting persé door middel van een gloeilamp of ledlamp moet geschieden. Wel waar een autogloeilamp aan moet voldoen. De strafbaarstelling zal nog het nodige aan onderzoek en discussie opleveren. Ik denk dat de handhavers het voorlopig onder het hoofdstuk verlichting zullen plaatsen. De kantonrechter mag er dan wat van vinden. Tenslotte straalt de gehele auto licht uit in alle richtingen. Ook de kleur zal over het algemeen een andere zijn dan wit of rood. Minister Eurlings heeft door het uitstellen van de kilometerheffing de komende maanden vast tijd over. Kan hij enthousiast beginnen met de wetgeving. Eerlijk gezegd vind ik het in mijn hart wel mooi.

vrijdag 27 maart 2009

Route Mobiel : foute vraag, fout antwoord


Hebt u op internet de verkeersquiz van Route Mobiel al gespeeld? Ik wel. Tijdens het invullen zag ik een, toch wel ernstige, foute vraag/antwoord combinatie. De vraag ging over het feit wanneer een bestuurder van een dieselauto zijn APK papieren bij zich moet hebben. Deze verplichting is namelijk een paar maanden geleden uit de Wegenverkeerswet geschrapt. Een (diesel)auto moet uiteraard wel APK gekeurd zijn. Het APK-bewijs hoef je alleen niet meer aan de politie te kunnen laten zien. Ik nam de moeite om Route Mobiel hierover een mailtje te sturen. Hun antwoord luidde: "Wij hebben uw opmerking in goede orde ontvangen. Wij houden voor onze quiz de richtlijnen van de RDW aan. Volgens de APK-informatie op de site van de RDW is men verplicht tijdens het rijden het rapport bij zich te hebben. Wij zijn daarom van mening dat wij wel het juiste antwoord geven. Wanneer de organisatie waar ik werk een dergelijk meedenk-mailtje krijgt wordt daar gelukkig anders mee omgegaan. Wij bedanken de schrijver en kijken de bewering nog eens goed na. Maar bij Route Mobiel niet. En dat hoeft natuurlijk ook niet. Maar dan mogen ze ook niet verwachten dat ik het juiste antwoord niet met u ga delen. Bij dezen heb ik dat gedaan. Nieuwsgierig als ik ben, ben ik nog eens teruggegaan naar de site. Een tweede ernstig fout was de vraag waarbij Route Mobiel een trekker/trailer combinatie toont. De daaraan gekoppelde vraag luidde: "Bij welke lengte mag een vrachtauto niet op de linker baan rijden?". Beste Route Mobiel, dit geldt niet voor vrachtauto's. Bij drie of meer rijstroken mogen vrachtauto's, zo wie zo, uitsluitend op de twee rechter stroken rijden. Ongeacht hun lengte. Voor personen- en bestelauto's met aanhangwagens geld wél de maximale lengte van zeven meter. Aan het einde van de quiz kreeg ik nog de volgende vreemde vraag voorgelegd: "Hoeveel bevindt u zich op de snelweg?" Snapt u de vraag? Ik had in ieder geval de keuze uit de volgende, nog vreemdere, antwoorden: 1.Zelden, ik heb geen eigen auto. 2. Sinds mijn pensioen vrijwel niet meer. 3. Eigenlijk alleen voor woon-werk verkeer. 4. Voortdurend onderweg voor mijn werk. 5. Ik rijd er gewoon privé mee. Een oordeel over de site, de prijsvraag en het antwoordmailtje laat ik aan u over.

vrijdag 20 maart 2009

Wat zegt 10 jaar rijervaring!


Minimaal tien jaar rijervaring is nodig om begeleider te mogen zijn van een nieuwbakken chauffeur. Fantastisch idee minister Eurlings. Het is een nog beter idee dat bestuurders die ooit zijn veroordeeld voor het rijden onder invloed helemaal niet mogen begeleiden. En o wee als je ooit een asociale verkeersovertreding hebt begaan. Dan mag je ook niet begeleiden. Hierbij is een kanttekening te maken. Wij hebben allemaal, zelfs de beste chauffeurs, vast wel eens een asociale verkeersovertreding begaan. Daar ben ik heilig van overtuigd. Ik gok er zomaar op dat zelfs de chauffeur van de minister dat wel eens gedaan heeft. Wij zijn alleen niet gesnapt door de politie. Uiteraard zijn drugs- en drankveroordelingen wel een prima reden om geen begeleiderspas af te geven. Is minimaal tien jaar rijervaring wel een goede graadmeter? Ik ben bang van niet. Ik weet het trouwens wel zeker. Ik zal u enkel, niet al te moeilijke, punten met betrekking tot het verkeer voorleggen. Mochten die u allemaal bekend zijn dan bent u waarschijnlijk meer geschikt om een begeleiderspas in ontvangst te nemen dan de gemiddelde chauffeur.
1. Weet u dat u bij het oprijden van een rotonde geen richting meer hoeft te worden aangegeven.
   Alleen nog bij het verlaten van die rotonde?

2. Weet u dat u op een laad- en losplaats voor vrachtauto's ook met uw personenauto mag laden
   en lossen?

3. Weet u dat u in een blauwe zone uitsluitend in de parkeervakken mag parkeren?
4. Weet u dat bestuurders van een brommobiel in het bezit moeten zijn van een AM rijbewijs?
5. Weet u dat dagrijlichten niet in combinatie met dimlicht mogen branden?
Wist u ze allemaal? Dan is dat een felicitatie waard. Met deze simpele punten wil ik maar aangeven dat het misschien niet eens een slecht idee is om aanstaande begeleiders minimaal een nieuwe theorietoets te laten doen. Tenslotte is die 10 jaar rijervaring een minimum. Er zullen ook begeleiders komen die al 30 jaar geleden hun theoriecertificaat hebben gehaald. Aan praktisch verkeersinzicht zal het hen niet ontbreken. Wel aan theoriekennis.

maandag 16 maart 2009

'Ga toch naar het fietspad'


Regelmatig kun je als automobilist de pech hebben achter een brommobiel te moeten blijven hangen. U kent ze wel, die 45 km/u auto's van 1.25 meter breed. Aan de lichaamstaal van de volgers kun je aflezen wat ze denken. "Wat doen die trage en kleine mormels op een provinciale weg. Ze houden al het echte verkeer op. En vooral mij. Ga toch naar het fietspad, daar waar je thuishoort."  Soms gaan die gedachtes gepaard met de nodige claxongeluiden in de richting van het brommobiel. Bleef het daar maar bij. Soms wordt er ook ingehaald en de nietsvermoedende bestuurder afgesneden. Waarschijnlijk met de bedoeling om duidelijk te maken dat hij of zij helemaal fout zit. Maar met een beetje pech voor de echte weggebruiker ligt er vaak ook nog eens een ononderbroken streep in het midden van de weg. Geduldig in het zog van de brommobiel blijven is de enige betaalbare optie. Deze streep overschrijden kan je al snel op 150 euro boete komen te staan. Dat brommobielen op het fietspad moeten rijden is één groot misverstand. En dat komt vooral door de naam. In het verleden was de definitie van een brommobiel "vierwielige overdekte bromfiets". Parkeren en rijden doen deze brommobielen op precies dezelfde straten, wegen en parkeerplaatsen als iedere andere auto. Natuurlijk zijn er enkele uitzonderingen. Autowegen en autosnelwegen zijn verboden terrein, evenals de wegen die gesloten zijn voor tractoren. Een officieel fietspad is zelfs verboden terrein voor onze brommobiel.
Toch bestaat de mogelijkheid dat u ooit een klein autootje over het fietspad heeft zien rijden. Autootjes die verdacht veel op een brommobiel lijken. Het grote verschil is vooral hun breedte. Deze zijn slechts 1.10 meter breed en vallen onder de gehandicaptenvoertuigen. Bestuurders van deze gehandicapten voertuigen mogen rijden waar ze het zelf veilig vinden. Met een beetje pech kunt u deze ook op een provinciale weg aantreffen. Gelukkig zijn dit vaak verstandige bestuurders en heb ik dat zelf nog nooit meegemaakt. Een brommobiel is verder te onderscheiden van een gehandicaptenautootje aan zijn gele (bromfiets) kentekenplaat en een rond wit bordje met rode rand. Hierin het cijfer 45. Ter afsluiting nog twee brommobiel puntjes die voor vele automobilisten nagenoeg onbekend zijn. De maximale snelheid binnen de bebouwde kom mag net zo hoog zijn als buiten de bebouwde kom, dus 40 km/u. En de bestuurder is, samen met zijn eventuele passagier, verplicht een gordel te dragen.